Wat gebeurt er binnen TCKA?

Blijf up to date met de laatste ontwikkelingen binnen onze academy,
van onze horeca talenten tot evenementen, je vindt het hier!

Blijf up 2
date

Interview met Sarah Broers (praktijkbegeleidster bij Mitros) en Bartel Geleijnse

Deelnemers van The Colour Kitchen Academy worden tijdens hun werkzaamheden bij Mitros begeleid door praktijkbegeleidster Sarah Broers. Ze werkt bij Vermaat, die bij Mitros verantwoordelijk is voor het bedrijfsrestaurant. 

Taken en kwaliteiten van een praktijkbegeleidster

Sarah ziet het als haar belangrijkste taak om deelnemers zich veilig te laten voelen. “Stapje voor stapje leer ik ze kennen en win ik hun vertrouwen. Dat doe ik door constant af te tasten hoe iemand erin zit en daarop in te spelen.” Een duidelijk voorbeeld hiervan: veel deelnemers vinden het ongemakkelijk om een gesprek zittend aan tafel te voeren. Dan neemt Sarah hen mee naar de spoelkeuken.  Daar sta je met de rug naar elkaar toe, dat verlaagt de drempel om te praten. 

Hoewel elke dag weer anders is, hebben de dagen wel een vaste structuur. Sarah: “Ik merk dat sommige deelnemers gaan dwalen als de structuur ontbreekt.” De werkdag begint altijd met de gezamenlijke dagstart. De groep bespreekt hoe het met hen gaat en de taken worden verdeeld. Soms heeft Sarah voor de dagstart al wat korte individuele gesprekken met deelnemers, als zij behoefte hebben om even hun verhaal kwijt te kunnen.
“ Tijdens de werkzaamheden pakken deelnemers zelf hun materialen/producten, zo bouwen we hun zelfstandigheid op.” Bij het opbouwen en draaien van de lunch heeft iedereen per dag een vaste plek. “Ik plan mezelf vaak in voor de spoel. Dan heb ik de gelegenheid om gesprekken te voeren en ik vind het belangrijk om ook mee te werken op de werkvloer, dat geeft gelijkwaardigheid. Soms plaats ik mezelf bewust even op de achtergrond, als back-up verdekt achter een muurtje. Bijvoorbeeld bij een deelnemer die oefent om op de voorgrond te treden. Hij of zij voelt dan: ‘ik sta er niet alleen voor.’ “ Tussen de werkzaamheden door zijn er pauzes. Ook de pauzes zijn geschikte momenten om even bij te praten. En we maken een spel van ‘hoeveel gasten zijn er geweest, is het vandaag een record?’ ” Bartel: “Op die manier breng je de prestatieprikkel er spelenderwijs in.” Tegelijkertijd is de pauze een rustmoment. De dag wordt afgesloten met schoonmaakwerkzaamheden. 

Bartel: “Sarah’s kracht is oprechtheid” Ze is een voorbeeld voor deelnemers, die spiegelen haar gedrag. Over haar oprechtheid zegt Sarah zelf: “Ik vertel de deelnemers ook dingen over mijn privéleven. Soms draaien de rollen dan om en vragen ze aan mij hoe het gaat. Ik vind dat mooi om te merken.”

Band opbouwen en houden 

Sarah: “Vorig jaar zijn er vier deelnemers geslaagd. Soms houd ik nog contact met oud-deelnemers, als zij dat ook willen. Af en toe een appje of  langsgaan op hun nieuwe werkplek. In een jaar tijd hebben we soms echt een band opgebouwd. Bartel: “Zo’n band opbouwen vraagt aandacht, als ik één ding heb geleerd is het: deelnemers voelen feilloos aan of de aandacht oprecht is. Is dat niet zo dan prikken ze er zo doorheen.” Het opbouwen van zo’n band brengt de uitdaging met zich mee om balans te vinden tussen (emotionele) afstand en nabijheid. Sarah geeft de thuissituatie van deelnemers als voorbeeld. 

De thuissituatie is heel uiteenlopend. Bij sommigen is er thuis nauwelijks controle, anderen worden juist erg beschermd of ze wonen op een woongroep. De invloed van hun woonsituatie zie je terug tijdens hun werk. Schrijnende (thuis)situaties raken je als begeleider ook. “Dat kan ons wel triggeren, dan zetten we nog een stapje extra voor iemand. Op het moment dat je denkt ‘misschien gaat het niet lukken’, moet je juist doorpakken. Dat vraagt wel om een balans, voorkomen dat je té betrokken raakt. In principe is mijn rol, op papier, heel duidelijk afgebakend. Andere taken zijn voor Irma, de coach vanuit The Colour Kitchen. Maar in de praktijk werkt het anders. Irma is bijvoorbeeld één dag per week hier bij Mitros, sommige situaties pak ik liever daarvoor al zelf op. Deelnemers appen me soms ook nog s avonds. Het voelt voor mij dan niet goed om te zeggen: dit schuiven we naar morgen.” 

Bartel: “Individuele grenzen kun je eigenlijk niet voor iemand bepalen, die verschillen sterk per persoon. Maar het is wel zaak dat je met elkaar de risico’s ervan bespreekt. Grenzen bewaken is belangrijk, want de volgende dag moet je er wel weer staan voor de deelnemers.”

Sarah zet zich niet alleen in voor de individuele deelnemers, ze houdt zich ook bezig met de deelnemers als groep. “Diversiteit – deelnemers van verschillende achtergronden – dat vind ik leuk. Dat vult elkaar aan. Het is mooi als ze ook naar elkaar leren luisteren, meer begrip voor elkaar krijgen.” De dynamiek in de groepen is wisselend. Nu is het vrij rustig, de vorige groep was turbulenter.  

Commercieel vs. sociaal-maatschappelijk

Voordat Sarah aan de slag ging bij Mitros verzorgde ze de catering in een snelle, commerciële werkomgeving. Veel lunchgebruikers, het werktempo lag hoog en de verwachtingen van de gasten ook. Bij Mitros ervaart Sarah een heel andere cultuur, dit is een warm bad. Er is tijd, mensen reageren relaxter als iets niet helemaal goed gaat. ”Ik kreeg dit in mijn schoot geworpen, heb het omarmd en nu vind ik het sociale aspect in mijn werk eigenlijk het mooist.” 

Sarah’s werkgever Vermaat is een commercieel bedrijf. Zij vinden het belangrijk om een maatschappelijke bijdrage te leveren maar tegelijkertijd is kwaliteit en financieel resultaat belangrijk. “Dat is soms lastig. Ik moet aan de ene kant het commerciële bereiken, kwaliteit leveren. En tegelijkertijd het gedachtegoed van The Colour Kitchen uitdragen: fouten maken kan, veilige leeromgeving enz. Maar eigenlijk is het voor mezelf wel duidelijk: het belangrijkste vind ik dat een deelnemer zich veilig voelt en plezier heeft. Dat hij/zij trots kan zijn op wat hij of zij gemaakt heeft. Ik vind het belangrijk dat de deelnemer dat zelf mag presenteren aan de gasten en zelf de complimenten ervoor in ontvangst mag nemen. Zolang de gasten maar tevreden zijn en het lekker vinden.”
Bartel: “Het model van The Colour Kitchen is maatschappelijk gericht, maar staat niet los van commercie. Alleen de volgorde is anders. Als deelnemers zich veilig voelen, durven ze stappen te zetten zoals het aanprijzen van gerechten die zij gemaakt hebben. Uiteindelijk vertaalt zich dat door naar de verkoop. Het bedrijfseconomisch aspect  van The Colour Kitchen formule kun je samenvatten als: uitgesteld rendement.” 

Je doet het niet alleen

Sarah vormt een hecht team met twee professionele koks die de deelnemers begeleiden bij hun werkzaamheden in de keuken. Wel is ze  de enige praktijkbegeleidster op de Mitros-locatie. “Dat is soms pittig.” Sarah wil graag kunnen sparren, soms haar hart luchten enz. en gaf dit aan bij Vermaat. Ze werd gekoppeld aan praktijkbegeleidster Diana, dat is fijn. Ook zijn er sinds kort intervisiebijeenkomsten voor praktijkbegeleiders. Bartel: “Je eigen manier van handelen roept iets op of stopt bepaald gedrag. Het is ‘actie-reactie’ . Dat kun je niet alleen analyseren, daarvoor moet je van gedachten kunnen wisselen met anderen.

Van Irma krijgt Sarah waardevolle adviezen over hoe ze met iedere deelnemer het beste met ze om kan gaan. “Het komt ook voor dat ik niks weet over een deelnemer. Voordeel daarvan is dat je er blanco in staat, maar ik vind het wel fijner om vooraf wel wat te weten over de deelnemer. Als mijn grenzen bereikt zijn met een deelnemer bespreek ik dat ook met Irma, ik heb een intensieve band met haar. Dat is heel fijn.” 

Sarah en andere begeleiders van de deelnemers (zoals Irma) overleggen ook met andere professionals rondom een deelnemer. Komt een deelnemer bijvoorbeeld vaak te laat, dan is het belangrijk om hier niet over oordelen maar in gesprek gaan waar het door komt. “Als er weinig uitkomt ga je verder zoeken. Hoe is de thuissituatie, heeft de deelnemer van daaruit ook een coach die we kunnen betrekken?” Daarnaast is er contact met SVO, de onderwijspartner die het theorie-onderwijs geeft aan The Colour Kitchen deelnemers. Het zorgt ervoor dat ze gezien worden. Dat voelt veilig en tegelijkertijd voelen ze: ik kan niet ‘duiken’. 

Essentieel is ook een oprechte en open houding van degenen die niet als professional met de deelnemers werken maar wel met hen in contact komen. Doen zij dat niet dan kunnen ze prille stappen in het leerproces weer onderuit halen. Sarah: “Je doet het echt samen.”

Betrokkenheid van gasten

Als nieuwe leerlingen starten, stelt Sarah hen voor op het intranet van Mitros met een verhaaltje en een foto. “En ik probeer wekelijks wel een update te plaatsen waar de deelnemers mee bezig zijn. Er komt een krijtbord waar we de namen opschrijven wie die dag aanwezig zijn. En we willen naambordjes bij gerechten plaatsen, zodat iedereen weet wie het gerecht bereid heeft. Het is belangrijk dat deelnemers gekend worden. Sommigen worden anders snel overvraagd. Ze komen goed over, maar ze zijn er natuurlijk wel met een reden.” Ook merkt Sarah dat gasten onderling meer met elkaar in gesprek gaan als ze bediend worden door een deelnemer. Juist ook als er iets anders gaat dan verwacht.

Gasten gaan zich betrokken voelen bij de deelnemers. Het raakt hen als ze hun diploma halen of juist niet. De verhouding is ongeveer: 80% redt het, 20% haalt de eindstreep niet. Bijvoorbeeld door te instabiele privé-omstandigheden. Bartel: “Ik geloof er helemaal in dat het dan niet ‘voor niks geweest’ is. Deelnemers heb je in ieder geval laten voelen: ‘er zijn dus wel mensen die om me geven.’ Of: ‘ik kan toch wel iets, terwijl iedereen zei dat ik niks kan’.” 

Toekomst
Sarah: “Ik hoop dat de reuring weer terugkomt, dat deelnemers er weer vaker kunnen zijn. Ook omdat dat goed is voor hun structuur. En om een vast gezicht te zijn binnen Mitros. Weer wat kunnen betekenen. Qua doelgroepen: ik vind deze jongere doelgroep erg leuk . We hebben ook wat oudere dames gehad, dat was eigenlijk ook wel heel leuk. Die brengen een andere dynamiek mee.”

 

Recente berichten